Deel dit artikel:

Emma, Julie en Mattiece getuigen over hun leven met Borderline

Emma, Julie en Mattiece zijn drie jonge meiden met borderline. Elke dag proberen zij hun emoties te balanceren en leren ze hoe ze op een goede manier moeten omgaan met de mensen in hun omgeving. Samen willen ze de wereld kennis laten maken met hoe zij de wereld ervaren.

Borderline is iets dat weinig mensen echt kennen. Het ene moment zijn we door het dolle heen en lopen we met ons hoofd in de wolken. Even later zitten we ongelofelijk diep in de put. Een emotie kan heel snel overgaan in een extreme emotie. Je weet ook niet altijd onmiddellijk wat er juist aan de hand is. Borderline kan pas vastgesteld worden vanaf je 18 bent, daarvoor ben je een persoon met persoonlijkheidsstoornissen. Emma ontdekte het zelf pas tijdens haar hogere studies. Als je borderline hebt, ben je ook heel aanhankelijk. We hebben steeds de angst dat mensen ons zullen verlaten. Daarom zoeken we ook steeds bevestiging. Als ik mijn mama of een vriendin een bericht stuur, heb ik echt een antwoord binnen de 30 seconden nodig. Alles dat langer duurt is voor mij een bewijs dat ze mij achtergelaten heeft. We hebben daarom ook echt nood aan structuur. Een avondje cinema verplaatsen kan genoeg zijn om in crisis te gaan. Vijf minuten later komen kan voor ons echt een half uur lijken.

In crisis gaan is voor ons een manier om te ontsnappen aan de psychische pijn. Soms proberen we ons gewoon helemaal af te sluiten van alles om ons heen, soms vervangen we de psychische pijn door lichamelijke pijn. Een crisis is ook nooit hetzelfde. Alles hangt af van de situatie. Ben je boos, dan kan een crisis leiden tot agressie. Bij verdriet slaat alles dan om in je afsluiten van de buitenwereld of in het je volledig isoleren. Soms gaat het ook om automutilatie. Het is ook nooit duidelijk hoe lang een crisis kan duren. Dat kan van een paar uur tot een hele week gaan. Op zulke momenten kunnen we ook niets doen om elkaar te helpen.

Voor Julie was er ook op school niet veel dat leerkrachten konden doen om haar op haar gemak te stellen. Ik heb echt nood aan een back-up, iemand die er altijd is om te komen helpen als ik dat nodig, iemand die kan relativeren als ik van een mug een olifant maak. Voor mij is dat mijn mama. Als zij er in de klas niet bij was, ging het echt niet om te blijven. Uiteindelijk ging ik helemaal niet meer naar school en was ik op thuisonderwijs aangewezen. Dat is maar 4 uurtjes per week, in die tijd kan je onmogelijk alles zien wat nodig is. Op professionele hulp heb ik heel lang moeten wachten. Pas op mijn 17e kreeg ik wekelijks begeleiding. Toen ik 18 werd, stopte dat opnieuw. Heel lang heb ik daar dus ook niet van kunnen genieten.

Ook Mattiece had het moeilijk met grote groepen op school. Ze stapte uiteindelijk over naar het buitengewoon onderwijs. De kleinere groepen waren een verademing, maar inhoudelijk was het natuurlijk echt geen uitdaging voor mij. Ondertussen is het ook niet meer mogelijk om de drukte van een kleinere schoolgroep te verdragen en kan ik dus niet meer naar school. De laatste 6 jaar zat ik bijna 5 jaar in opname. Mensen met borderline zweven overal een beetje tussenin. In het gewone onderwijs lukt het vaak niet voor ons, maar een aangepast alternatief is er niet.